Interview Dennis de Jong (SP): “Wij willen de politieke commissie afschaffen.”

Door Carina van Os

Voor een nieuwe serie interviewt EU Know How experts over de toekomst van Europa. We trappen de reeks af met een interview met Dennis de Jong, SP-delegatieleider in het Europees Parlement en vicevoorzitter van de fractie Verenigd Links in het EP. “Ik ben het lang niet altijd met ze eens, maar zowel de Britse conservatieven als de SP hebben een hekel aan overbodige regels.”

Hoe moet Europa volgens u met het opkomende rechts-extremisme omgaan?

“Met name door heel eerlijk te zijn. Dat ontbreekt er nu aan. We hebben allemaal mooie verhalen gehoord van premier Rutte en eurocommissaris Timmermans waarin zij benadrukken geen superstaat te willen, maar in de praktijk zijn er in de Unie ontzettend veel terreinen bijgekomen waar Europa eerst nooit iets mee te maken had. Wat er gebeurt in de praktijk staat in geen enkele verhouding tot wat er gezegd wordt.

De SP vindt het belangrijk dat de nationale parlementen meer te zeggen krijgen en dat de afstand tot de burger zo verkleind wordt. Ook willen wij de politieke Commissie afschaffen. Het gevolg daarvan is dat eurocommissarissen geen voorstellen meer kunnen indienen. Op die manier zetten we een hak aan de wortel van alle groei. Bij de huidige gang van zaken eist de eurocommissaris dat er een voorstel komt, zodat hij kan laten zien wat hij aan het doen is. Als ambtenaar moet je ook voorstellen aanleveren: als je dit niet doet, functioneer je niet goed.”

En de Commissie die zegt minder voorstellen te presenteren?

“Dat zegt helemaal niets. Het gaat erom wát ze voorstellen. Er worden nu grote voorstellen gedaan waar kleine onderwerpen blijven liggen. En juist die grote voorstellen hakken er zo in. Als we niet meer kunnen besluiten over onze energiemix of ons veiligheidsbeleid zijn dat megadreunen voor een soevereine staat. En dan kan dat zijn bereikt door middel van heel weinig voorstellen, het zijn wel heel grote voorstellen.”

Wat zou voor u het ideale resultaat zijn van de Brexit-onderhandelingen?

“Mijn voornaamste probleem met de Brexit is dat de Britten in het Parlement behoren tot de meer nuchtere fracties. Ik ben het lang niet altijd met ze eens, maar zowel de Britse conservatieven als de SP hebben een hekel aan overbodige regels. Ook is het Verenigd Koninkrijk een belangrijke handelspartner voor Nederland en is het niet handig als ze de interne markt verlaten. Het zou het beste zijn als ze helemaal niet vertrekken, maar de Britse premier, Theresa May, blijft zeggen: Brexit is Brexit.

Theresa May heeft aangegeven uit de interne markt te willen vertrekken, omdat ze migratie een heel belangrijk onderwerp vindt. Dat sluit enigszins aan bij de SP, daar wij ook kanttekeningen plaatsen bij het vrij verkeer van werknemers en met name het dienstenverkeer. Wij willen graag net zo’n rem als oud-premier Cameron destijds kreeg, waardoor het mogelijk wordt om in te grijpen als het door de interne markt uit de hand loopt binnen een sector.”

Moet Europa meer gaan samenwerken op het gebied van defensie en hierbij streven naar een Europees leger?

“Wij zijn als SP tegen militarisme. Voor de SP is de NAVO aanvaardbaar, mits die organisatie hervormt, maar als de Amerikaanse president Trump zegt weinig vertrouwen in de NAVO te hebben, zullen veel SP-leden het met hem eens zijn. Echter willen we de NAVO niet vervangen door een Europees leger. Wat nationaal nodig is, moet nationaal, en verder streven we naar een versterking van de Verenigde Naties. Het klinkt utopisch, maar ons doel is een wereldgemeenschap die zelf beschikt over een interventiemacht en alleen in actie komt als er een mandaat ligt van de Veiligheidsraad. Europa moet zich realiseren dat er nog een wereld buiten de Europese grenzen is. Verhofstadt stopt altijd bij de grenzen, en daarbuiten zijn markten die Europa inkapselt en vijanden waar het zich tegen wapent. We kunnen bijvoorbeeld de opkomst van China alleen als negatief zien, zoals Verhofstadt roept, maar we kunnen ook juist nu inzetten op intensievere internationale samenwerking.”

Hoe moeten we volgens u op de lange termijn omgaan met de vluchtelingenstroom en wat is de rol van de Turkijedeal hierbij?

“Het is met name op twee vlakken misgegaan. Allereerst hebben we niet op internationaal niveau geopereerd. De VN had het voortouw kunnen nemen: De Hoge Commissaris voor Vluchtelingen had kunnen regelen dat alle landen uit de regio, en dat zijn wij ook in dit geval, met elkaar in gesprek komen. Vervolgens hadden we met die betrokken landen kunnen kijken naar de noden en mogelijkheden. De VN kan niet dwingen, maar wel politieke en morele druk zetten. Op die manier hadden we via de VN kunnen komen tot afspraken over opvang, de kwaliteit ervan en de humanitaire benodigdheden. Verder had zo gemakkelijker opvang in andere Arabische landen dan Jordanië en Libanon gerealiseerd kunnen worden, waardoor veel minder mensen de overtocht naar Europa hadden hoeven maken. Die aanpak had gezorgd voor meer draagvlak in Europa, omdat je daarmee kon laten zien dat ook alle Arabische landen hun best deden om vluchtelingen op te vangen.

Ten tweede is het misgegaan bij Turkije. De Turkijedeal is een typisch voorbeeld van niet verder denken dan de grenzen van Europa. Ik vind de deal verwerpelijk. We hadden de Turkse president Erdogan nodig om onze problemen op te lossen, zo werd gezegd. De EU heeft zich hierdoor overgeleverd aan één staat. Ook gaat het niet goed met het huidige systeem van opvang en de mensen die daar echt door lijden, zijn de vluchtelingen zelf. Ja, er zitten mensen tussen die om economische redenen naar Europa zijn gekomen, maar ook de mensen die voor oorlog zijn gevlucht worden nu niet goed behandeld. In de deal zitten politieke stekeligheden en geld wordt niet optimaal besteed. Verder is de vraag in hoeverre de Griekse regering erop uit is om goede opvang te creëren in Griekenland. Het zou kunnen dat er dan nog meer mensen naar Griekenland komen, en zij vervolgens niet goed over Europa worden verspreid. We hadden moeten doorspreken tot we een oplossing hadden waar wel draagvlak voor was in alle lidstaten.”

Wat zijn uw verwachtingen voor de relatie tussen de EU en Rusland in 2017?

“Ik heb niets met president Trump, maar hij doet nu wel wat de SP bij het Oekraïne-referendum ook belangrijk vond. Hij praat namelijk met president Poetin. Poetin heeft leme voeten en is helemaal niet zo sterk als hij zich voordoet. Zijn grote achilleshiel is de economie en daar gaat het niet goed mee. De huidige aanpak van de EU is negatief: sancties opleggen, verlengen en verhogen. De sancties raken een zwakke plek van Rusland, maar we bieden geen alternatief. Ik denk dat sancties alleen werken als we ook een alternatief hebben. De aanpak van Trump zou kunnen leiden tot een zakelijke deal met Rusland. Ik ben geen fan van Poetin zijn beleid, maar ik denk dat een zakelijke deal wel een optie moet zijn. Het zal dit jaar blijken of die deal er komt of niet. Het zou zomaar kunnen van wel.”